LaLieLoe - Born to be Wild
Kind-bevorzugt-Elternteil

Kind met sterke voorkeur voor de vader of moeder

Kind met sterke voorkeur voor de vader of moeder

Zo ga je ermee om

Een kind met een sterke voorkeur voor de vader of moeder. Dat kan soms best vervelend of kwetsend zijn. Maar dat hoeft niet. Zo ga je ermee om en hierdoor heeft je kind die voorkeur!

Het kan al vroeg beginnen: je kind krijgt een bepaalde voorkeur voor of de vader of moeder. Al met een leeftijd van vijf of zes maanden begint het kindje zich te hechten aan de omgeving en komt vaak één persoon centraal te staan. Laten we beginnen met zeggen dat dit maar tijdelijk is. En heel normaal! Dus voel je vooral geen mindere ouder. En denk niet dat jouw kindje minder van jou houdt, want dat is absoluut niet waar. Hoelang deze fase precies duurt, is maar de vraag. Dat verschilt namelijk per kind. Net zoals het verschillend is hoe sterk de voorkeur is. En misschien raad je het al: ook de redenen hiervoor zijn verschillend.

Oorzaken van de voorkeur

Wie is de hoofdzorger? Is er een duidelijk verschil in wie vaker thuis is met het kindje? Dit kan samenhangen met de voorkeur. Ben jij als moeder vaker thuis met de kleine en neem jij de meeste zorg op je, dan kan het zijn dat hij of zij meer naar jou toetrekt. Maar het kan ook omgedraaid werken, dat er meer aandacht is voor de ouder die minder vaak thuis is. Omdat dat op dat moment wat specialer is; het komt immers minder voor. In de ‘nee-fase’ Ook tijdens ‘nee-fase’ kan een dergelijke situatie voorkomen – zo tussen de anderhalf en vier jaar oud. De verschillen in opvoeding tussen beide ouders speelt hier vaak een rol in. Zo kan het kind neigen toe te trekken naar de iets minder strenge ouder. Of juist naar de meest duidelijke. Ook kan hij toetrekken naar de ouder die het meest op hem lijkt, of juist naar degene die het meest verschillend is. Het kan zelfs te maken hebben met je stem. Ben je snel in paniek of gestrest, dan hoort je kind dit. Hij kan een voorkeur hebben voor een lage, rustige, geruststellende stem. Geen peil op te trekken dus! In de ‘nee-fase’ zal het kindje waarschijnlijk gaan testen hoe de verhoudingen in het gezin liggen en wat hij bij wie voor elkaar krijgt. Krijgt hij zijn zin als hij hard krijst bij mama en bij papa niet? Dan kan het zijn dat hij liever door mama getroost wil worden en papa wegstuurt. Nogmaals: trek het je niet aan. Bijna elk kind doorgaat deze fase en is eigenlijk op een soort ontdekkingstocht. Baby Is het nog een baby, dan kan borstvoeding meespelen. Door het geven van borstvoeding, is de kans groter dat de kleine wat meer naar de moeder toetrekt en gemakkelijker getroost kan worden door mama. Maar no worries, dit gaat vanzelf weer over. Een veilig gevoel Zo frustrerend, jij doet alles voor je kind, maar zodra je partner ’s avonds thuiskomt van het werk, word je als grof vuil aan de kant gezet. Hij wil constant bij papa zitten, wil met papa spelen en wil dat papa hem voorleest. Soms word je er zo chagrijnig van. Maar probeer het als iets positiefs te zien. Het betekent juist dat jouw kind zich veilig voelt en je genoeg vertrouwt om af en toe even afstand te nemen. Je kind weet dat hij toch altijd een warm welkom terugkrijgt!

Voorkom de voorkeur, vader!

Aangezien de kans groter is dat de baby naar mama trekt, in verband met het negen maanden lange dragen van de baby en het geven van de borstvoeding, geven we graag wat tips aan de verse vaders om de band zo snel mogelijk op en top te krijgen. Het begint al in de buik: papa, probeer te praten tegen de baby en probeer al contact te maken door bijvoorbeeld geregeld je handen op de buik te leggen. Zo voelt de baby al je aanwezigheid, energie en raakt hij gewend aan papa’s stem. Na de geboorte is huid-op-huid contact belangrijk. Leg de kleine op je blote buik om een fijne, vertrouwde, band op te bouwen. Ook een draagdoek dragen kan de band versterken doordat de baby snel vertrouwd raakt met papa’s geur, stem en hartslag. Dan is er de verzorging: verdeel het eerlijk: luiers vervangen, badderen, flesjes geven… Borstvoeding? Zorg dan dat er genoeg gekolfd wordt. Begint de kleine te huilen? Wees er snel bij om te troosten, zodat de moeder niet weer hoeft te gaan en jij tijd hebt om te bonden. Doe dit om jouw eigen manier. Iedereen heeft een eigen manier om de baby te troosten, wat beide goed kan werken en beide voor genegenheid zal zorgen.

Hoe ga je ermee om?

Houd in gedachten dat je kind je niet echt afwijst. Dit gedrag is maar tijdelijk, het is natuurlijk en je kind kan er ook niks aan doen. Reageer dan ook goed wanneer jouw kind je afwijst of wegstuurt. Maak er vooral geen punt van en laat geen emoties los; word dus niet boos, reageer niet beledigd en laat je teleurstelling niet merken. Een simpele ‘Jammer’ volstaat al. Probeer als de niet-favoriete ouder ook niets te forceren, maar geef je kind ook niet óveral zijn zin in. De voorkeur is prima, maar hij bepaalt niet wie zijn tandjes poetst. Ook heeft het natuurlijk geen zin om de frustraties te uiten op de partner. Hij of zij kan er ook niks aan doen! Bovendien kan het ook verschrikkelijk vermoeiend zijn als het kind alleen jouw aandacht wil en voelt het niet fijn tegenover je partner. Blijf elkaar dus steunen, wees een team (samen leuke dingen doen, gelijkwaardig in de opvoeding) en blijf herhalen: hetiseenfasehetiseenfasehetiseenfase.

Toch nog wat tips

  1. Hoe gefrustreerd je er ook over bent. Laat je kind merken dat je onvoorwaardelijk van hem of haar houdt.
  2. Steek er niet teveel energie in. Ga je kind niet extra verwennen, wees niet extra lief, praat je kind geen schuldgevoel aan. Het kan er juist voor zorgen dat je je kind verder weg duwt. Dus laat het los, het komt vanzelf weer goed. Echt waar.
  3. Probeer gelijke regels en routines te hanteren met je partner en blijf consistent. Sta samen sterk en laat merken dat jullie niet voor het blok te zetten zijn en niet tegen elkaar uitgespeeld kunnen worden.
  4. Het kan helpen op te letten hoe je partner bepaalde dingen aanpakt. Misschien kun je jouw kind zo beter bereiken, of begrijpen waarom je kind. Maar kopieer het gedrag niet en doe niks waar je niet achter staat.
  5. Wordt hij liever door papa voorgelezen? Prima hoor. “Maar gaan wij dan wel morgen lekker pannenkoeken bakken?” – blijf je kind uitnodigen om dingen te doen samen.
  6. Jullie hoeven niet overal in mee te gaan. Wil hij samen met jou spelen en niet met papa? Dan heb jij even geen tijd. Blijft hij doordrammen: dan wordt het maar niet gespeeld.
  7. Jaloerse gevoelens tegenover je partner? Praat erover en laat weten hoe je je voelt om spanningen te voorkomen.
  8. Houdt de voorkeur lang aan en ontstaan hierdoor toch veel spanningen? Schakel dan op tijd opvoedhulp in!
Krijg of heb je een dochtertje? Zo creëer je die sterke moeder-dochter band.